Wally, Roos, Dewi en Isabel op reis

19. Een laatste staartje Thailand.

Ko Pi Pi naar Ko Lanta was een ruige boottrip door (bijna) zeeziekte geteisterde van bijna twee uur in een gare schuit. Wat men ons niet vertelde was dat het prijsverschil van een euro per persoon niet het verschil in commissie per reisbureau was, maar het verschil tussen een kleine gare boot en een luxere betere grotere boot!

Ko Lanta is groter, rustiger, vriendelijker en van alle die Ko Pi Pi kenmerkt gespeend. Men spreekt er beter Engels en vraagt zelfs hoe je dag was bij het eten, het is allemaal directer. Aan de andere kant is het er zelfs behoorlijk streng, 90% van de bevolking is er vrij streng islamitisch (zelfs helemaal gesluierde vrouwen) en alcoholgebruik door toeristen wordt er gedoogd. In ons hotel pal aan zee, bestel je in het hotel een alcoholisch drankje, wat vervolgens door de aanpalende beachbar aan tafel geserveerd en afgerekend wordt.

Op Ko Lanta is veel natuur, waarvan veel ook bereikbaar is. Een redelijk geprijste huurauto, iets van 30 euro of brommer brengt je overal. Vooral heel veel prachtig strand, maar ook mangrovebos, rotskust en heuvelachtig oerwoud.

Ons tochtje naar de Tham Mai Koeaw grot wordt al gauw een halve jungletocht. De gids neemt ons mee door rubberplantages, langs stukken jungle en een bosstroompjes. Roos en een echtpaar zien nog een slang. Het beest is snel weg. Later vertelt de gids dat hij het niet zo op slangen heeft. Hoezo? Nou ik heb een keertje op een gestaan en ben gebeten. Vandaar de stok en de spijkerbroek en de sportschoenen i.p.v. slippers. Hij moest er het ziekenhuis voor in.

De grot is pas dertig jaar geleden ontdekt door zijn neef, zijn familie bezat deze grond, wat nu Nationaal Park is. Niet verbazingwekkend als je de ingang ziet, klein en verborgen achter grote rotsblokken in de wand. Dit alles vertelt Roman in verbazingwekkend goed Engels. Het was ook lastig om te leren, hij is nog nooit van Ko Lanta geweest en kan niet lezen noch schrijven. Hij is gewoon nooit naar school geweest en heeft altijd van en op het land geleefd.

Isabel krijgt van hem een hand zodat we ons helemaal kunnen richten op de tocht. Ruim een uur lang lopen, kruipen op handen en voeten soms langs ladders en simpele bamboe-bruggetjes, zelfs een keer 3 meter door een tunneltje buikschuivend doen we de 'toeristische route' met slechts het licht van onze hoofdlampen. Dit is een klein deel van de grotten, die over tweehonderd ruimtes hebben. De kinderen vinden het spannend en wij ook. Geen monsters, maar krekels, een flinke grotspin en vleermuizen en veel aparte ruimtes, zelfs een onderaards water en veel stilte.

Buiten is er weer licht en de omringende jungle lijkt wel lawaaiig. Dit wordt beschermd, er mag hier niet gekapt worden? Ja, want we hebben genoeg, laat de natuur haar gang gaan. Thailand heeft een prachtige natuur. En wie er echt in wil vertoeven kan dat. In de Nationale Parken, die we bezocht hebben, was er kampeergelegenheid, zeker bij de hoofdkwartieren van de parken is dat er. Voor een gering bedrag mag je er gebruik van maken. Deze zijn bereikbaar over de weg. Er zijn toiletten en een douche/wasgelegenheid. De reisgidsen zeggen hetzelfde.

Een absolute must, en waar niet in de tropen, is een goed antimuggen-middel en een muskietdichte (binnen)tent. We weten alleen niet of apen lastig zijn, want die hebben we vrijwel overal gezien.

18. Ko Phi Phi als in Ko P P

Het uitspandoek zegt het al als je van de moderne grote betonnen steiger naar het land loopt. IBIZA BAR, TONIGHT FULL MOON PARTY!!

Het is wat het is, ik kan het niet beter verzinnen, de sfeer en de voornaamste bezigheid hier op het eiland Ko Phi Phi. De film 'the Beach', om 8 uur gisteren in de Hoodsbar te zien, heeft het toerisme indertijd een turboboost gegeven. Een verwoestende tsunami, 4 jaar geleden op Tweede Kerstdag, heeft de boel echter vertraagd, maar de vele Engelsen en Scandinaviërs van onder de dertig niet weggejaagd, integendeel, het feest gaat door. Er is bijna niets meer vrij.

‘Waarom wil je eigenlijk een hempje met een Thais biermerk erop, pa?', zegt Dewi. Ik snap dat niet, straks denken ze dat je nog meegedaan hebt ook. Mmm, tja dat is ook zo.

Om dit eiland als veel reisgidsen af te doen als 'give it a miss' lijkt me echter te makkelijk. Het uitzicht van ons bungalowtje op de heuvels laat een turquoiseblauwe baai zien omringd door groene heuvels, rotsen en palmbomen en als je goed oplet af en toe een zeearend in de lucht. De kop is wit, zie ik met de verrekijker. Het weer is zonnig en schroeiheet, vele malen beter dan aan de Oostkust waar de noord-oost moesson heerst en het grauw en bewolkt is. Dewi en Isabel liggen al uren in het zwembad te spelen.

De verkopers hier zijn niet al te opdringerig, soms zelfs niet geïnteresseerd, wat het wel reuze-rustig maakt, maar ook moeilijk om een goede deal te sluiten. Er is een grote keuze aan eten, Europees maar ook vele variëteiten Oosters. Op de markt is er een restaurant dat E-San eten serveert, een minderheid in Thailand? Meervalsalade. Ik vraag het, maar ze praten slecht Engels. Er zijn ook koekjes te krijgen in andere tentjes op de markt met veel kokos en rijstemeel erin, dit gaat richting Maleisië, Indonesië, dit is halal-eten.

Vanwege het feestaspect aan drank natuurlijk geen gebrek. Een favouriet is de bucket, een frietsaus-emmertje gevuld met 200 cc sterke drank , vruchtensap en ijs vanaf 3 tot 7 euro naar gelang de kwaliteit van de drank. De prijzen zijn hier voor Thailand niet goedkoop te noemen, een stuk hoger dan elders.

Accommodatie is vergeleken met zelfs het toeristische Bali op Indonesië aan de prijzige kant, dezelfde kwaliteit is gerust eenderde tot de helft duurder. Niet zo'n ramp als je maar een tot twee weekjes wegblijft om te bakken en te feesten, maar langer gaat er toch inhakken.

Waarom men hier dan toch van zover wegkomt om pakweg hetzelfde te doen als aan de Costa's of Ibiza is wat vreemd. Het is goedkoper okay, maar de reis veel duurder. Het zal de winter zijn, en zou al die Scandinaviers kunnen verklaren. In Zweden bij de poolcirkel is het een beetje licht tussen half elf en half twee in december. De Engelsen dan? Dat is denk ik gewoon the pound, een nog steeds dure munt. En Engeland, zeg nou zelf, het weer.

Het terrein waar al het toerisme zich afspeelt is misschien 1 kilometer bij 500 meter, voor de rest zijn de eilanden grotendeels onbewoond, groen, onbegaanbaar en zat er alweer een aap op ons dak. Het is ook autovrij, dus het valt allemaal mee. Op de hellingen van de kust zijn er verder absoluut geen villa's, luxe resorts of bouwprojecten te zien.

Ik zie ook nergens iets dat er op duidt dat men er lekker van leeft van het toerisme. Dagelijks passeren we richting centrum een helling met toeristenachtige bungalowtjes, min of meer uniform, men heeft her en der aangebouwd. De boel ziet er slechter uit dan de meest goedkope toeristenonderkomens. Daar wonen lokale mensen. Met noodhulp gebouwd vermoed ik, ze hebben een dezelfde soort steen.

Het viewpoint van waaruit je kan zien dat Ko Pi Pi in feite twee eilanden zijn verbonden door een landbrug van zand, geeft je absoluut een uniek uitzicht op een dubbelzijdig strand, een aan elke kant. Het confronteert je ook met de tsunami van 2004, langs de weg naar boven zie je nu de blauw met witte bordjes tsunami-evacuation-route. In het Engels voor de toeristen, toen de muur van water als een stoomwals over de stranden raasde, was het hoogseizoen zoals nu en vol. De bordjes staan over heel Ko P.P. met het aantal meters dat je nog scheidt van de redding. Boven in het tentje bij de viewpoint wordt als een macaber souvenier, een foto-special van een tijdschrift aangeboden van de tsunami. De opbrengst gaat naar de slachtoffers.

Het meest gebruikte strand voor de zonaanbidders en de full moon parties van de party-gangers noemen de kinderen in de wandeling al het tsunami-strand. Hele stukken zijn nog onbebouwd en men is nog steeds bezig, maar er zijn min of meer geïmproviseerde toeristenvoorzieningen neergezet a la strandtent. Vanavond is de dreunende beat op het strand als van een gigantisch levend hart hoog op de heuvels bij ons te horen.

17. Nooit gehaald

You know I headed to Las Vegas, only made it out Needles (That's in California). De persoon in deze song 'Never been to Spain', ooit in de V.S. tot hit gezongen door Elvis en Three Dog Knight, redt het niet om in het van vermaak vergeven Las Vegas te komen. Evenwel komt hij in Needles op de grens van California en Nevada terecht, en zo is het voor hem ook wel best, het blijft een leuke gedachte. Ter info: Needles is een gat in de woestijn, ik weet het, de Greyhoundbus stopt er en dat is het zo'n beetje wel.

Zo is het ook met ons. 's Morgens gingen we op weg naar Phuket, een van de grote toeristische steden van Thailand, strand en alles wat erbij hoort. Alleen we hebben Phuket nooit gehaald en we vinden het wel goed zo.

Er is gereisd en niet van dat comfortabele. Nee, van zes tot zes, met kinderen (die zich kranig hielden en het allemaal reuze spannend vonden), met de bus, met de open boot, ploeterend door mul zand, slik en wadend door meer dan kniediep water met bagage. Een koffer met wieltjes is dan niet zo geschikt, misschien wel als vlot als het wel heel extreem wordt.

Lekker makkelijk een doorgaande ticket een keer betalen en alles sluit op elkaar aan. Zo kwamen we ook in Ko Samui aan, uit de nachttrein kon je gelijk een ticket kopen voor een bus naar de haven en de ferry. In Indonesië kan je zelfs van deur tot deur gebracht worden door een systeem van busjes en autobussen en geen gedoe met de bagage, dat wordt bij de overstap verzorgd. Je boekt het gewoon bij je hotel. Ko Samui- Phuket met de boot en busreis van een drie uur moet dus ook goed gaan, dachten wij.

Er bleek geen bus te zijn die ons overbracht naar het vaste land, zelf met de bagage zeulen de ferry op en af. Op het vaste land stonden ettelijke bussen klaar. Rechtstreeks naar Phuket? Ja, ja, zeker. Hoeven we er niet uit en over te stappen? Nee.

In de grote plaats Surathani moeten we er wel uit, niemand van de busmaatschappij zegt iets.

Maar opeens gaat iedereen de bus uit, en de bagage wordt eruit gehaald, beter gegooid. Iedereen moet eruit en bij die straat daar, een vaag wijzend gebaar, staat je doorgaande bus! Oh, weten jullie het zeker? Nu zie je in een stripverhaal in de tekstballon, kruizen, cirkels, uitroeptekens en donkere spiralen.

Bij het station weer in de rij voor het volgende kaartje van onze doorgaande ticket. Blijkt ook niet zo'n geschikte gelegenheid, het is namelijk ook een snackbar/restaurant met stoelen en tafeltjes en zittende klanten. Iedereen wil naar het bureautje achterin met medeneming van zijn bagage. Onze ticket blijkt niet te kloppen, Krabi staat erop. Beduusd reageren we, Krabi? Hoe dat zo, we hebben een doorgaande ticket Phuket gevraagd en betaald? Inderdaad op de ticket staat met kleine letters Krabi. Dat wordt bijbetalen, hoe dan ook. Tegen deze tijd heeft Roos er zo genoeg van dat we dan maar naar Krabi gaan. Daar wilden we toch al naartoe.....

Zo ontdekken we redelijk per toeval Tonsai (Beach) vanuit Krabi, dat op een schiereiland ligt en alleen per longtail-boot en flink waden bij laag water te bereiken is. Een strand en een ingesloten vallei met steile krijtrotsen eromheen. The thing to do is rockclimbing hier of chillen, voor de ouderen onder ons, dat is relaxen. Niets doen dus. Enkele openluchtcafé's met een pooltafel en uitzicht op de rotswanden en de klimmers, het strand, de zee en forse klimmers-schouderpartijen van de mannen èn vrouwen. Voor elk budget wat wils kleefrijst met BBQ kippebout 1 euro, een zeer pittige groene papayasalade tot een forse vis, snapper van richting 10 euro. Leef al tijden van geBBQ- makreel/grote tonijn (onverkrijgbaar in NL) en the occasional Barracuda of kingfish, ook geen dagelijkse kost thuis.

Eenvoudige hutten vanaf 6 euro tot een aircogekoelde kamer met TV en koelkast voor 55. Kamperen kan evenwel desgewenst voor nog minder. Ik denk echter dat het een kwestie van tijd is voor de grote resorts ook dit hier annexeren, Railay West Beach iets zuidelijker was al dusdanig luxe dat we dat niet eens konden betalen, en een strand verder zijn gegaan. We kwamen wat jonge Nederlandse jongens tegen die erheen gingen. We waren de weg naar Phuket toch al kwijt.

Noordelijker ontdekten we met de kano, Ao Nang dat gewoon per bus is te bereiken.

Snorkelen is ronduit teleurstellend vergeleken met Bali en de Antillen. In Ao Nang mooi zandstrand, ook zand op de zeebodem. Hier niet, veel koraal en rots in het water.

Op onze bungalowkamer worden we enkele dagen door apen op het dak gewekt. Regelmatig trekken deze over het terrein en een keer klommen ze o.a. gebruikmakend van klimtouwen die er waren hoog de rotsen op. Uit nieuwsgierigheid eens uit bed gegaan, bleken het niet de normale apen te zijn. De makaak, die je overal bij tempels in Bali vindt en hier ook veel zijn, maar de schuwere zeldzamere dusky langoeren. Ze maken zich ook snel uit de voeten als ik kom kijken.

Bier is ook nog te betalen en verkrijgbaar ondanks dat dit moslim Thailand is, compleet met hoofddoek. Al worden de massagesalons en receptie klaarblijkelijk door boedhistische Thai gerund.

Een internationale scene met veel jonge jongens en meisjes en ditto muziek, al worden we hier in het een beetje middle-of-the road gezelligste cafe -en - resort niet geplaagd door cocosnoot afschuddende housedreunen. 's Avonds willen de meiden graag de ‘vuurmannen ‘ zien die voor de hippere tenten met vuurstokken jongleren.

Evenwel is er een sterke hippie-en- hoe kan het ook anders, reggae onderstroom.

16. Paradise lost, Liverpool-New Castle

Vijf-en-twintig jaar geleden, in zo'n periode kan heel wat veranderen. In 1970 was de tweede wereldoorlog net zo'n tijd geleden, was Rotterdam herbouwd. Het grote popconcert in het Kralingse bos zal ook in die tijd geweest zijn. Er zullen hippies bij zijn geweest die het eiland Koh Samui ontdekt hebben op zoek naar The Beach. Moeten we blij zijn met deze ontdekking als voorloper voor de horden latere toeristen? We zijn er nooit eerder geweest, dus we weten niet beter.

Nee, tussen nu en 25 jaar geleden is er geen houten aanlegsteiger meer waar de boot van het vaste land aankomt. De touringbussen denderen elk uur van de ferry af over de betonnen havenpier.

Vis eten kan er nog uitstekend, alleen deze wordt niet op Koh Samui gevangen. We weten ervan, want we zaten er bovenop met onze neus. Het vrachtgedeelte beneden in de bus zat zo vol met piepschuimen koelboxen, dat onze bagage in het gangpad moest.

Het eiland gevoel is gebleven, er hangt nog steeds een aangename loomheid over het eiland en vriendelijk is men beslist. De taxichauffeur waarschuwt ons, huur beslist geen brommer of auto, want er zijn zoveel ongelukken. Doe het niet al is het nog zo goedkoop. Neem een tour, vraag maar aan de receptie. Niet eens huur mij! Je hebt kinderen, nou ik weet wel wat, een rustige plek aan zee, en toch dicht bij het centrum en je kan in het zwembad van hun luxe hotel aan de overkant. Vinden we uiteraard prettig en we zitten er nu nog, je hoort het gebeuk van de golven op het strand, wind in de palmen en struiken van de tuin.

Het terrein af en je zit in de hoofdstraat van Lamai, voornamelijk een lintbebouwing. Lijkt bekend maar toch even schrikken, Costa Brava? Niet een, maar meerdere open pubs en veel Engelsen, die met een biertje naar de wedstrijd Liverpool-New Castle kijken.

Eens kijken wat er aan zaken is opticiens, kleermakers voor maatkleding, (namaak)merkkleding en modeaccessoires, restaurants, niet heel veel souveniers, Thaise massagesalons, restaurants/kroegen, tattouageshops. Deze plek lijkt me een hoofdplaats van de tattouage-crowd. Nu is dat toch een beetje een Brits ding. Een rondje over het strand en je ziet wat ik bedoel. Niet een flutvlindertje ofzo. Dit is niet voor watjes, we praten hier over hele tapijten aan tatouages.

Iedereen heeft een goede tijd en wij ook. En de ondanks de behoorlijk goedkope alcohol is de sfeer voor kinderbedtijd behoorlijk ontspannen. Zo is het ook met de jaarwisseling, iedereen verzamelt zich op het strand. Er zijn verkopers met vuurwerk en hete luchtballonnen van papier. Bij hotels spelen bandjes en zijn er ook nog traditionele dansen, waarbij er op trommels en een schalmei gespeeld wordt. De meiden vinden het allemaal geweldig.

Rond de baai zie je lichtjes en vuurwerk en de langzaam voorbij zwevende lichten van de papieren luchtballonnen, die uit het zicht verdwijnen.

Op een draadkruis zit een kaarsachtig mengsel dat een vlam geeft, deze hete lucht doet de bovenliggende papieren ballon opbollen en wegzweven.

Met de bebouwing komt Koh Samui er bekaaid van af, planologie is een onbekend begrip.

De in wezen prachtige kuststrook is behoorlijk vernaggeld met stukken lintbebouwing die in lelijkheid volgens mij zijn weerga niet kent. Ik onderweg een vlieger kopen langs de weg en loop over het terrein van een klaarblijkelijk failliet bouwproject dat met half afgebouwde betonstaketsels het uitzicht compleet verpest op een prachtige baaitje waar de zee bovenop enorme rotsblokken slaat.. Koop een stuk real estate in het paradijs blaten de krantjes....

Kids Diary: Nieuwe jaar vieren in Thailand

Nieuwe jaar vieren in Thailand

Het was heel leuk. Met vliegende ballonen! Onder de ballon zit een vuurtje. Je wacht tot je voelt dat hij om hoog wil, dan laat je hem los. Als je hem los laat en hij wil niet om hoog, moet je het op nieuw doen.

Het vuurwerk was heel mooi. Maar je hebt de neiging om de vuurpijl strak in het zand te doen. Dan kan de vuurpijl blijven staan en dan kan die op de grond knallen. Dat is eng hoor. Want dan denk je dat hij tegen jou gaat.

Dewi

Tongue out

15. De leegte en de stad

Thailand, Ko Samui

De bezoeker uit Europa heeft een paar behoorlijke linguïstische handicaps. Hij kan het schrift niet lezen en voorts de klanken van de taal lijken niet op iets dat wat hij gewend is. Verder komt er nog bij dat vele Thai alleen maar Thais spreken.

Stel je voor je staat in een in een immense supermarkt à la Makro en je wil Kraft kaas hebben, gesteriliseerd per plakje verpakt, onbeperkt houdbaar. Wel zo makkelijk als je geen koelkast hebt. Je kan het nergens vinden noch vragen want geen van het zeer talrijke personeel, iets wat je in een Makro niet tegen zult komen, verstaat of begrijpt je. Al zijn ze allen van zeer goede wil, heel behulpzaam en zeer vriendelijk, want dit is ver van alle toeristen. We geven het op, geen kaas.

Het geluk was gisteren met ons en na een week, vijfhonderd kilometer met de nachttrein en twee uur met de boot naar het hoogst toeristische Ko-Samui lukt het ons. In de door Bruce Springsteen ook bezongen 7-Eleven 24-uurs winkel, vaak bij de benzinepomp, spreken ze wat Engels en krijgen we het. En ze hebben er echte hotdogs! Niet alleen in de USA, maar iedere beetje toeristische plaats in Thailand of Bali heeft er een of meerdere, al staat men er niet te wachten op zijn meisje met een opgevoerde Chevy, maar met een brommer of een fiets.

Leuk vinden we het wel, het wachten op de trein in Hua Hin, misschien wel wat lang een twaalf uur.Thailand is een groot land 1700 km, noord naar zuid en treinen gaan niet elk uur.

Zo tussen Kerst en Nieuw Jaar kan reserveren ook alleen bij het station. Een echte stad, lekker. We komen een beetje uit een gat, 40 kilometer zuidelijker, Dolphin Bay in de wandeling genoemd. De Thaise naam is lang en niet te onthouden.

Een echte badplaats, beetje zoals je in Frankrijk ziet, er is een toegangspoort tot het strand met badhuis/toiletten, en langs het strand loopt een muur, die de badgasten scheidt van de lommerrijke tuinen van de grote hotels. En voor die muur op een smalle strook....zit iedereen op elkaar gepakt onder een zee van parasols, geklemd tussen de muur en de vloedlijn. Een ligstoel is voor jou als je daar eet, in de zeg maar strandtent, groot woord. Er doorheen gaan heeft iets van een stormbaan.

Iets verderop nestelen we ons tegen de muur van de tuin van het Hilton, eettentvrij, doen we of we erbij horen en gaan naar het luxe toilet.

Tegen de avond hangen de strandgasten, Westerlingen, maar ook Chinezen, Koreanen en Japanners en het strandpersoneel bij de toegangspoort naar het strand. Er zijn hapjes als gegrilde pijlinktvis, worstjes, maiskolven of voor de echte liefhebber een kraam heeft gefrituurde sprinkhanen, engerlingen en dergelijke.

Er is ook de muziek die ik overal hoor langs de stranden tussen de keerkringen, Bob Marley voor altijd en voor iedereen. Af en toe onherkenbaar in country and western ritme door een Thaise straatmuzikant met gitaar. De Thai en de toeristen we vinden het prima, de man straalt onverwoestbaar optimisme uit. De baths gaan richting gitaarkoffer.

Dolphin Bay Beach Resort is relatief druk, de rest niet. Een vrijwel verlaten kilometers lang zandstrand rond de baai met een randje naaldbomen, casuarina's. Er loopt een straat, waarlangs wat accommodatie ligt en dat is het. Het achterland bestaat uit uitgestrekte kokosplantages met her en der wat koeien, af en toe een mangoplantage. Er staat vaak een straffe wind uit zee, het is meest van de tijd bewolkt en het tegenoverliggende Monkey Island (zie Kerst en Nieuwjaarsfoto) is beslist nu niet met de aanwezige beachkano's te bereiken. Her en der stampt men met Westers geld een resort of villa uit de grond. Hua-Hin is drie kwartier rijden verder om van Europa maar niet te spreken. De meest nabije voorziening is een winkeltje waar men chips, fris, zeep en drinkwater verkoopt, nee, geen brood, crackers als je geluk hebt. En al helemaal geen kaas. Even verderop is wel een golfterrein.

Over de hoofdweg in zuidelijke richting staan er na een kilometer of vijf van Dolphin Bay opeens dranghekken over de weg, dit is gelijk de toegang voor Nationale Park Khao Sam Roi Yot, het omvat stranden, eilanden, moerassen, kwelders, grotten en rotspieken. De zeekant met zijn stranden,baaien en eilanden lijkt me perfekt voor een zeekano. Er zijn veel officiële kampeer-gelegenheden in het park, hier een hobby van padvinders.

Er is ook menselijke activiteit, er zijn vissersdorpjes en ook op de vlakke stukken basins voor de garnalenkweek. Landschapspark, denk ik, maar vind eentonige gegraven vijvers in de vlaktes nou niet helemaal natuurbescherming.

Dit park heeft het witte doek gehaald als dat een maatstaf is voor het - must see - gehalte. Een groot gedeelte van de Killing Fields is hier opgenomen. De rotspieken en bergen rijzen steil op uit het vlakke land dat uit moeras, zoutvlaktes en mangroves bestaat.

Bij de zuidelijke ingang gelegen bezoekerscentrum loopt een natuurpad op steigers door het vloedbos met mangroves. Ga niet zonder antimuggenmiddel.

Kijk, kijk een aap en hij duikt. Waar is hij nou? Hij zwemt onder water, dit is de krabetende makaak.

Een rare vis, die modderkruiper, hij kruipt op zijn vinnen en die ogen staan bijna op steeltjes.

De paars en donkere krabben hebben één grote schaar.

Tegen het vallen van de avond zien we uiteindelijk de heel aaibaar lijkende aap, de Dusky Langur, de grauwe langoer heel onverwacht met een hele troep in een boom bij de strandtentjes van Laem Sala Beach.

Laat, natuurlijk is die trein te laat, uitgeput na het strand, de Mac Donald en de avondmarkt in Hua Hin kruipen we in onze stapelbedden en gaan in zuidelijke richting naar het Nieuwe Jaar en naar Ko Samui.

Kids Diary: Gedicht van Dewi (Thailand, Bangkok)

Gedicht over de reis van Indonesie naar Thailand:

Joepie jé, ik ben in Thailand.

Het duurde lang, maar we zijn geland.

Iemand was er niet.

Niemand die hem ziet.

Toch maar uit Jakarta weg.

In de lucht hadden we weer pech.

Iets fout met het landingsgestel.

Terug naar Jakarta, wel wel.

We mochten eerst niet er uit.

In de wachtkamer klonk je iets meer dan luid.

Dan weer naar een andere wachtkamer.

Iemand wordt zo hard als een hamer.

Wel gratis drinken en eten.

Lekker op gegeten.

Nu uit Jakarta weer weg.

En nu geen pech.

En veilig geland in Bangkok.

Het was al laat op de klok.

Kids Diary: Kus van Isabel (Thailand, Koh Samui)

Lieve mensen

Ik ga als het donker is vuurwerk af steeken op het strant.

Het reegent hier.

Wij zijn in thailand.

We wachten tot het droog is.

Kus van isabel

Cool